Aanpak armoede en schulden.

Wie armoede en schulden wil bestrijden zal graag willen weten ‘wat werkt’. Op deze pagina bundelen we inzichten over wat effectief kan zijn. De informatie op deze pagina wordt continu aangevuld.

Empowerment

Op basis van wetenschappelijk onderzoek concludeert Movisie (2016) dat een effectief armoedebeleid werkt vanuit empowerment. Empowerment is niet één doel of één methodiek, maar een richtinggevend denk- en handelingskader. Het impliceert investeren in het psychologische, sociale en maatschappelijke kapitaal.

  • Het psychologisch kapitaal omvat de talenten en competenties van mensen, zoals wilskracht, veerkracht en creativiteit. Wat werkt? Mensen aanspreken op hun kwaliteiten en hen positief ondersteunen door bijvoorbeeld motiverende gespreksvoering en oplossingsgericht coachen. En: outreachend werken richting zorgmijders en zorgmissers.
  • Voor het sociaal kapitaal is een sociaal netwerk met mensen die dichtbij staan èn mensen op wat meer afstand van belang. Het is een bron van kracht bij het voorkomen en oplossen van problemen. Wat werkt? Versterken van het contact met familie, vrienden, buren en lotgenoten. Vergroten van het vermogen van mensen om samen problemen aan te pakken. Een goede sociale infrastructuur in de buurt. Het inzetten van buddy’s, maatjes, mentoren.
  • Het maatschappelijke kapitaal betreft het kunnen beïnvloeden van zaken om de persoon heen, zoals vooroordelen, maatschappelijke uitsluiting, toegankelijkheid van voorzieningen, wet- en regelgeving. Wat werkt? Mogelijk maken van formele en informele participatie. Actief luisteren naar de stem van mensen in armoede of met schulden, met inzet van diverse methodieken, waaronder digitale.

Mobility Mentoring®

Het startpunt van Mobility Mentoring® is dat hulp- en dienstverlening aan mensen in armoede of schulden rekening moet houden met het wetenschappelijke inzicht dat chronische stress invloed heeft op het gedrag. Mensen met chronische stress leven meer bij de dag, zijn minder goed in staat doelen en prioriteiten te stellen, emoties te reguleren en strategieën te ontwikkelen voor als het tegenzit.

In de dienstverlening volgens Mobility Mentoring® worden stress en grote cognitieve belasting van mensen vermeden en krijgen ze hulp bij plannen, doelen stellen en daarnaar leven.

Elementen van de aanpak zijn:

  • Professionele mentoring die uitgaat van gelijkwaardigheid en aansluit op de vragen en behoeften van de deelnemers.
  • Samenwerken met cliënten, zodat zij na verloop van tijd kunnen beschikken over de hulpbronnen, de executieve vaardigheden en de duurzame gedragsverandering die nodig zijn om economische zelfredzaamheid te bereiken en te behouden. Veel oefenen en herhalen.
  • In samenhang aanpakken van meerdere sociale problemen. Ook aandacht voor betaalbare huisvesting, stabiele zorg voor kinderen, voldoende opleiding en een goede gezondheid.
  • Gebruik van hulpmiddelen en incentives, zoals doel-actieplannen die ook de vooruitgang laten zien en (im)materiële waardering.

De aanpak Mobility Mentoring® moet nog verder worden vertaald naar de Nederlandse context.

Lees meer op:

>> Mobility Mentoring – Sociaal Werk Nederland

>> Platform 31- publicatie Mobility Mentoring. De publicatie Mobility Mentoring van Nadja Jungmann en Peter Wesdorp is daar beschikbaar als download.

Methodische aanpak en goede registratie

De Inspectie SWZ heeft uitgewerkt hoe gemeenten de vroegsignalering van (dreigende) problematische schulden optimaal kunnen regelen.

De vroegsignalering is volgens de Inspectie SWZ effectief als hieraan is voldaan:

  • De gemeente beschikt voor alle relevante doelgroepen over voldoende betrouwbare signalen en weet er goed en eenduidig vervolg aan te geven. Dit omvat ook: actie ondernemen op het juiste moment, niet te vroeg en niet te laat. (De Inspectie onderkent dat dit een lastig ervarings- en leerproces inhoudt).
  • De gemeente beschikt over een goede en bruikbare registratie, die laat zien welke burgers tijdig in beeld komen en welke resultaten met de vroegsignalering bereikt worden. Dit is vooral belangrijk voor het door de Inspectie noodzakelijk geachte leer- en verbeterproces.

Elementen van effectieve vroegsignalering zijn:

  • Afspraken over intern verwijzen: als inwoners met schulden ergens bij de gemeente in beeld zijn worden ze verwezen naar schuldhulpverlening. (Interne verwijzers zijn medewerkers Participatiewet, armoederegelingen, Wmo, jeugdhulp, gemeentelijke belastingen en wijkteams).
  • Een risicomodel: op basis van gegevens over doelgroepen, risicogroepen, risicofactoren, risico-indicatoren en/of risicoprofielen probeert de gemeente inwoners in beeld te krijgen waar mogelijk sprake is van (dreigende) problematische schulden.
  • Extern verwijzen en/of extern signaleren: afspreken dat externe partijen mensen doorverwijzen naar de gemeenten en/of afspreken dat externe partijen informatie over mensen met schulden doorgeven aan de gemeente. (Relevante externe partijen zijn: maatschappelijk werk, woningbouwverenigingen, voedselbanken, energieleveranciers, zorgverzekeraars, scholen, UWV, werkgevers, hypotheekverstrekkers, telefoonaanbieders en postorderbedrijven).
  • Meer informatie, waaronder een filmpje, is te vinden op de website van de Inspectie SZW.

Routeplanner Armoede & schulden

CMO STAMM zet zich in voor een krachtige samenleving waarin iedereen meedoet. Alleen een integrale aanpak waar alle partijen samen voor staan, werkt. Daarom hebben we een routeplanner ontwikkeld met daarin vijf pijlers die van belang zijn bij een innovatieve aanpak van armoede en schulden. Op welk deel van de route treffen we elkaar?

> Download de Routeplanner Armoede & schulden